Ik weet niet of gezonde voeding per se bijdraagt aan een langere levensduur.
Misschien ligt zoiets al vast. Misschien bestaat er wel zoiets als het lot. Misschien kan je nog zo bezig zijn met voeding, sport en gezondheid… en sterf je uiteindelijk toch in een ongeluk.
Hoe dan ook... .
Ik geloof dat we ons lichaam gekregen hebben met al zijn sterktes en zwaktes. Ik zie het als iets dat ik mag gebruiken, verzorgen en respecteren. Niet omdat ik controle wil hebben over hoe lang ik leef, maar omdat ik geloof dat goede zorg ervoor zorgt dat we beter kunnen genieten van het leven.
Minder fysieke en mentale klachten.
Meer energie.
Meer rust.
Ons mooier voelen.
En daardoor bijna automatisch ook beter in ons vel zitten.
Ik zie het lichaam een beetje als een “rental” die we ons hele leven ter beschikking krijgen. En hoe beter we ervoor zorgen, hoe meer we eruit kunnen halen. Hoe langer we er goed gebruik van kunnen maken.
Misschien begon het eerst vanuit een eerder theoretische gedachte. Gewoon een soort besef van: “Ik zou beter voor mezelf moeten zorgen.”
Maar hoe langer hoe meer veranderde dat in iets anders.
In liefde.
Zelfliefde.
En dat begrip vond ik lange tijd moeilijk.
Ik vond het vaak makkelijker om voor anderen te zorgen dan voor mezelf. Ik gaf uren werk, tijd en energie aan anderen, en voelde me op het einde vaak uitgeput. Soms zelfs niet echt gerespecteerd.
Ook mijn lichaam leed daaronder.
Lange uren.
Weinig rust.
Weinig aandacht voor mijn lichaam.
En eerlijk? Vaak ook weinig echte return.
Toch bleef mijn lichaam altijd zijn best doen.
Ik zag haar wel.
En ik probeerde af en toe momenten voor haar in te plannen. Maar het voelde vaak niet vervullend. Misschien omdat het niet consequent was. Misschien omdat het altijd maar “even tussendoor” gebeurde.
En eigenlijk wist ik ook gewoon niet hoe.
Hoe geraak je hieruit?
Hoe geef je jezelf méér?
Hoe zorg je écht voor jezelf?
Want zelfs wanneer ik mezelf iets gunde, kwam het vaak vanuit iets externs. Bijvoorbeeld een massage. En ja… dat voelde zalig. Maar dat kan niet elke dag. Dat is duur, of praktisch niet haalbaar.
Dus begon ik met kleine stapjes.
Kleine, schijnbaar onbelangrijke rituelen.
Ik begon kleine momenten in te vullen die bijdragen aan mijn gezondheid. Bijvoorbeeld: wanneer de zon schijnt, ga ik naar buiten. Ongeacht of het koud of warm is.
Dat werd een doel.
Al is het maar een half uur per dag.
En eerlijk?
Dat lukte niet altijd.
Maar wel véél vaker dan alle jaren ervoor.
Waarom?
Omdat ik er bewust mee bezig was.
Ondertussen is dat half uur bijna een minimum geworden. Natuurlijk zijn er nog dagen waarop het niet lukt. Maar toch is er iets veranderd.
Ik begon kleine Ayurvedische ochtendroutines te integreren. Dingen die bijna geen tijd kosten, maar die toch een groot verschil maken voor mijn lichaam.
En stap voor stap begon ik meer liefde te voelen voor dat mooie lichaam.
Dat energieke lichaam.
Dat rustige, zachte lichaam.
Gezonde voeding zie ik daar ook als een onderdeel van.
Een manier om haar te voeden.
Maar het draait voor mij niet alleen om “gezond” eten.
Het draait ook om genieten.
Want zelfs wanneer mijn maaltijden niet perfect evenwichtig zijn, of wanneer een dag zonder zon voorbijgaat, probeer ik daar geen stress rond te creëren.
Misschien had mijn lichaam die rust net nodig.
Want uiteindelijk geloof ik dat stress één van de grootste boosdoeners is voor ons lichaam. En dat is iets waar we zelf zo weinig mogelijk extra van hoeven creëren.
Ik ben nog steeds aan het leren.
Nog steeds aan het ontdekken wat goed voelt voor mijn lichaam.
Maar één ding weet ik wel:
zorg dragen voor mezelf voelt niet langer als een verplichting.
Het begint steeds meer te voelen als liefde.
En de komende tijd wil ik graag meer delen over de kleine gewoontes, rituelen en inzichten die mij daarbij helpen — in de hoop dat ook anderen opnieuw zachter leren omgaan met zichzelf en hun lichaam.
Liefs,
Ruth
Reactie plaatsen
Reacties